NAVO, geostrategisch wapen tegen China

An F/A-18F Super Hornet assigned to the Black Knights of Strike Fighter Squadron (VFA) 154 flies over the aircraft carrier USS Theodore Roosevelt (CVN 71), June 17, 2020. The Theodore Roosevelt Carrier Strike Group is on a scheduled deployment to the Indo-Pacific. (U.S. Navy photo by Mass Communication Specialist 3rd Class Zachary Wheeler/Released)


De NAVO verdedigt zijn bestaansrecht krampachtig. De nieuwe vijand is China. De opkomende wereldmacht is echter al compleet militair omsingeld. Het voortbestaan van de alliantie is na de val van de muur niet enkel een aberratie, maar ook een potentiële bron van groot onheil. De stekker moet uit de NAVO.

Een van de kerntaken van het Egmontinstituut is “voorlichting van de publieke opinie”. Als Stichting in de schoot van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken is de informatie die het instituut verspreidt niet onafhankelijk. Men moet die dus met een flinke korrel zout nemen. Dat geldt specifiek voor het regelmatig herhaalde pleidooi voor Europese strategische autonomie en een Europees leger. PESCO moet voor het instituut een instrument worden om Europese militaire macht te projecteren. Daarmee gaat Egmont verder dan de NAVO. De website van Buitenlandse Zaken zegt daarover: “België hecht veel belang aan het defensieve [cursivering door de redactie] karakter van het bondgenootschap.” Dat is een statement waar men kanttekeningen bij mag maken.

Europese macht projecteren, in PESCO- of NAVO-verband, is heel wat anders dan defensief optreden. Sinds de val van de muur, voor UAntwerpen professor Tom Sauer de belangrijkste gebeurtenis in de internationale politiek sinds 1945, is de NAVO als alliantie blijven voortbestaan, en dat is volgens Sauer een aberratie in de internationale politiek. “Allianties horen ophouden te bestaan in tijden van vrede”, aldus Sauer. Sindsdien heeft de NAVO naarstig gezocht naar argumenten om haar voortbestaan te verdedigen. Op 8 juni maakte NAVO secretaris-generaal Jens Stoltenberg in een toespraak nog eens duidelijk hoezeer de alliantie op zoek is naar vijanden om haar wankele bestaansrecht te rechtvaardigen.

Confrontatie van China is moeilijk te rijmen met de core business van collectieve defensie

Voor het eerst nam Stoltenberg China op de korrel. “De opkomst van China betekent een verschuiving van het machtsevenwicht in de wereld, brengt de race naar economische en technologische suprematie in een stroomversnelling, bedreigt open samenlevingen, individuele vrijheden en onze manier van leven,” aldus de secretaris-generaal. Een confrontatie van China is toch moeilijk te rijmen met de core business van collectieve defensie. “China heeft het tweede grootste defensiebudget, ontwikkelt raketten die ons kunnen treffen, speelt mee in cyberspace, is actief in het noordpoolgebied en in Afrika. Het land investeert in onze kritieke infrastructuur en werkt steeds nauwer samen met Rusland. Dat alles heeft veiligheidsgevolgen voor de bondgenoten, en dus moeten we reageren,” aldus nog Stoltenberg.

Met ruim 22.000 km heeft China de langste landgrens ter wereld, en een kustlijn van 14.500 km (de Amerikaanse kustlijn is 19.900 km). Het hoeft geen betoog dat dergelijke omvangrijke grenzen een grote verdedigingsmacht vergen, temeer daar de VS met een keten luchtmachtbases en marinehavens de perfecte strop legt rond de nek van zijn rivaal. Een Australische denktank meent dat de Chinese precisieraketten in de eerste uren van een conflict de Amerikaanse militaire bases in de regio gemakkelijk een kopje kleiner kunnen maken. Het Chinese arsenaal langeafstandsraketten ondermijnt het Amerikaanse primaat in de regio, aldus de denktank, die meer investeringen in militaire middelen ziet als remedie.

Stoltenberg laat zich voor het karretje van Washington spannen

Het is duidelijk dat hier geen rol is weggelegd voor de NAVO. De leden van het bondgenootschap hebben zich immers, met een verwijzing naar het Handvest van de Verenigde Naties, ertoe verbonden elk internationaal geschil vreedzaam te beslechten, en af te zien van elke dreiging met, of gebruik van, geweld. Met zijn dreigementen richting China laat Stoltenberg zich voor het karretje van Washington spannen. Wat is er mis met het feit dat Rusland en China “steeds meer samenwerken?” Heeft het Westen de afgelopen tientallen jaren Rusland niet zelf in de armen van China gedreven? Waarom mogen 30 landen in het Westen wel een militaire alliantie vormen, en het duo China en Rusland niet?

De gekte was compleet toen twee Amerikaanse senatoren vorige maand een Pacific Deterrence Initiative voorstelden om de Amerikaanse militaire inzet in Azië uit te breiden en “een sterk signaal af te geven aan de Chinese Communistische Partij dat het Amerikaanse volk zich inzet voor het verdedigen van Amerikaanse belangen in de Indo-Pacific.’ De wereld zou te klein zijn als de Chinese regering zou verklaren dat China zijn belangen in het Amerikaanse continent (militair) zal verdedigen. Als klap op de vuurpijl introduceerde senator Tom Cotton wetgeving getiteld ‘Forging Operational Resistance to Chinese Expansion (FORCE)’, dat Chinese plannen moet dwarsbomen om de VS uit de westelijke Stille Oceaan te verdrijven en de eenwording met Taiwan te realiseren.

Over het Chinese defensiebudget slaat Stoltenberg de plank mis. De NAVO als geheel besteedt vijf maal meer dan China. De bondgenoten geven miljarden uit aan “nieuwe capaciteiten” en NAVO-missies over de hele wereld. In massavernietigingswapens is de alliantie veruit superieur. Vijf Europese landen, waaronder Nederland en België, stationeren 150 Amerikaanse tactische kernwapens die tien tot twintig keer krachtiger zijn dan de bommen op Japan. Deze wapens moeten kunnen worden afgegooid door Europese gevechtsvliegtuigen. De Europese “partners” hebben niets te zeggen over deze wapens, Amerika houdt alle touwtjes in handen. En er wordt mee getraind: niet lang geleden nog in Kleine Brogel en in Duitsland, waarbij Nederlandse en Belgische gevechtspiloten betrokken waren.

Kwetsbaar voor een preëmptieve aanval

De stationering van tactische kernwapens in Europa past in de Amerikaanse strategie om de opkomst van China als wereldmacht te fnuiken. Europa voelt zich daar ongemakkelijk bij. In een tijd waarin demonisering van Rusland en China schering en inslag is, maken Europese landen die Amerikaanse kernwapens stationeren zich kwetsbaar voor een preëmptieve aanval mocht de Amerikaanse president alleen al (eenzijdig) beslissen die wapens in staat van paraatheid te brengen. In de diplomatieke wandelgangen luidt het dat Europa zich moet losmaken uit het Amerikaanse juk. Maar geopolitiek en geostrategisch kan de hopeloos verdeelde Europese Unie geen vuist maken. Het lijkt gedoemd om aan de hand te blijven lopen van America first.

Het Chinese nucleaire arsenaal wordt geschat op 290 kernwapens, nog geen 20% van de NAVO-kernwapens die op China staan gericht. Dan is het absurd om te spreken over een bedreiging van de wereldvrede. China’s arsenaal is er gekomen als antwoord op de Amerikaanse nucleaire dreiging. Amerikaanse atoombommenwerpers die de Zuid-Chinese Zee overvliegen en aanvalsoefeningen door tot de tanden gewapende torpedobootjagers en vliegdekschepen moeten China intimideren en een tegenactie uitlokken. De militaire omsingeling van China neemt steeds verder toe, en wordt gecombineerd met economische druk om de regering te verzwakken.

Stoltenberg mag dan beweren dat “de NAVO China niet ziet als de nieuwe vijand of een tegenstander,” maar de secretaris-generaal verliest elke geloofwaardigheid als hij tegelijk de alliantie oproept om op te treden tegen de “de veiligheidsgevolgen van de opkomst van China.” Het voortbestaan van de NAVO na het einde van de Koude Oorlog is niet enkel een aberratie, maar ook een potentiële bron van groot onheil. De peperdure alliantie kan op geen enkel wapenfeit bogen. De inzet in Afghanistan en Irak was een compleet fiasco. Stoltenberg moest zich doodschamen over zijn opmerking dat de NAVO er toch maar voor gezorgd heeft dat de Afghanen zelf het terrorisme kunnen bestrijden en hun land stabiliseren.

De stekker moet uit de NAVO. In het belang van de wereldvrede.

US and UK struggle to find friends against Iran – and Iraq wants its sky back

President Donald J. Trump and French President Emmanuel Macron in close conversation Saturday June 29. 2019 at the G20 Japan Summit in Osaka Japan (Official White House Photo by Shealah Craighead)


by Paul Rogers

Is it 2003 all over again – but with Iran and Iraq on the same side this time?

Last week’s G7 meeting in Biarritz was notable for hypocrisy about the Amazonian fires. Brazil’s pyromaniac president, Jair Bolsonaro, is certainly a serious problem and the spreading destruction of forests bodes ill for the future, but it hardly becomes the likes of France, Germany, Italy, Japan, the UK and Canada to lecture the Brazilians on the risk of climate breakdown.

Donald Trump at least did everyone a favour by keeping a low profile on this one issue but for six countries at the forefront of high carbon emissions for decades to preach change in Brazil is one more indication of the increasing irrelevance of the G7 itself.

At least on one issue, Iran, there was a worthwhile initiative, with Emmanuel Macron inviting the Iranian foreign minister first to Paris before the summit and then to Biarritz itself. Macron just managed to keep Trump sweet even if US media outlets reported that his advisors were caught on the hop and were furious with the French.

So far there has been little real cooling of tensions and, as it is so often the case in international security issues, it is what the military are doing away from the spotlight that deserves more attention.

Lonely Sentinel

Until a week or so ago the US and its junior partner, the UK, were the only two members of Operation Sentinel, Washington’s intended multinational endeavour at patrolling the Strait of Hormuz. With anything led by the US seen as provocative by Iran and its allies, the British had tried but failed to get a European force together: the Germans would have none of it and the French, too, were dubious.

It cuts little ice with the Trump White House, but the few US diplomats still around who have some understanding of the Middle East know only too well that they badly need truly international action if their Iran policy is to be credible. Long-serving diplomats in the UK Foreign Office understand this much better, not least because of their memories of the way the Iraq war went so badly wrong in 2003.

Their concern, even if not even understood by their current political masters, is that one of the issues that turned the Iraq war into an American endeavour in 2003 was the failure to get a broad international coalition together. The UK ended up as the only country apart from the US that contributed credible forces in that long war that followed, and this could now happen with Iran.

Where are we, then, with the plans for Sentinel? At first sight there has been some progress, but look a little deeper and it is revealed as little more than superficial. As expected, the Royal Navy has expanded its forces in the Gulf, adding a frigate and destroyer to the existing frigate in what was previously a small force focused largely on mine hunting. The hope was that the US would persuade the Australian government and others to come on board.

Canberra has indeed agreed to join Sentinel, according to this week’s Jane’s Defence Weekly, but if we look at the detail its commitment is little more than nominal. A single P-8A Poseidon maritime patrol aircraft will deploy to the Gulf for just one month before the end of the year, one frigate will be based there for six months next year and some Australians will join the operations team in Bahrain.

Moreover, the Australian government is playing it down. “This will be an enhancement of our existing and long-standing contribution to counter-piracy and counter-terrorism mission in the waters of the Middle East,” it said. “Our contribution will be modest, meaningful and time limited,” (italics added).

The one other leader who has made a commitment is King Hamad of Bahrain, a state which is already the home of the US and UK naval forces, is deeply suspicious of Iran and has a singularly bad reputation for suppressing dissent among those of its people who, like most Iranians, follow the Shia branch of Islam.

Iraq pushes back

More significant has been the surprise announcement that Iraq is seeking to restrict coalition military operations in its airspace by requiring approval for them in advance, according to another report in Jane’s Defence Weekly. Iraq’s government leans strongly towards Iran, not least because its support stems from Iraq’s own Shia majority, and it has become increasingly concerned at Israeli attacks on Shia militia facilities in the country.

Israel’s frequent attacks on Hezbollah and Iran-linked groups in Syria and Lebanon are well-known but such operations now seem to have extended to Iraq, with two attacks in July. More recently, on 12 August an explosion at a weapons storage facility at Camp Falcon near Baghdad killed one person and injured 30 others. While these included members of the Iran-backed Popular Mobilisation Force, they also involved Iraqi federal police personnel.

These are assumed to have been Israeli drone attacks, and the Iraqi government’s insistence on controlling its airspace might make it easier to intercept such operations in the future. A more fundamental message to Washington, however, is that Iraq’s relationship with Tehran comes first. That was underlined earlier this week when the powerful Fatah coalition in the Iraqi parliament called for the withdrawal of all 5,000 US troops from the country, following a further presumed Israeli drone strike near the border with Syria last weekend that killed a Popular Mobilisation Force commander.

In short, the Pentagon’s multinational military operation to pressurise Iran is limited to just one major country, the UK, plus a nominal contribution from Australia, but with a key state in the region, Iraq, sending an indirect message of caution.

Add to this the Iranian abilities in irregular warfare if tensions did escalate and it becomes clear that Macron’s efforts at the G7 summit really were worth making. Whether Trump and the noted hawks around him will get the message is far from certain but it may just be that the White House will come under increasing pressure from the US military to tread with caution. Perhaps the Pentagon will even ‘speak truth to power’, but don’t bank on it.

Paul Rogers is professor in the department of peace studies at Bradford University, northern England. He is openDemocracy’s international-security editor, and has been writing a weekly column on global security since 28 September 2001; he also writes a monthly briefing for the Oxford Research Group. His books include Why We’re Losing the War on Terror (Polity, 2007), and Losing Control: Global Security in the 21st Century (Pluto Press, 3rd edition, 2010). He is on twitter at: @ProfPRogers

This article first appeared on openDemocracy 30 August 2019

Van 2018 naar 2019: de belangrijkste geopolitieke trends (5)

Bij de overgang van 2018 naar 2019 past een overzicht van de belangrijkste geopolitieke trends in de wereld. In een reeks van vijf artikelen die we in kort tijdsbestek onder deze headline publiceren geven we per issue een beknopt overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen, inclusief hoe we die dit jaar zien ontwikkelen. Vandaag het vijfde en laatste deel:

Deel 5: de ontoelaatbare situatie van de Palestijnen en van Julian Assange, en andere nieuwsfeiten

Pro-Palestine activists at a 69 years Al Nakbah demonstration in Portugal.
Photo: Romerito Pontes (Wikimedia Commons)


Het Israel-Palestina conflict: blinde vlek in de media

De slachting onder de Palestijnse bevolking door Israel wordt systematisch door de Westerse media verzwegen. Voor mensenrechtenorganisaties en media die Israel op de korrel durven nemen is hier weinig politiek kapitaal te verdienen en veel te verliezen. De minste kritiek op Israel stuit op agressie en de versleten beschuldiging van antisemitisme. Zelfs Joodse activisten ondergaan dit lot. Deze reactie is vanzelfsprekend verwerpelijk, maar dient om de betrokkene te demoniseren en een signaal af te geven die anderen moeten weerhouden van kritiek.

Het gevolg van het te pas en onpas schermen met antisemitisme is dat authentieke beschuldigingen niet meer worden geloofd en het kwalijke verschijnsel weer zijn kop opsteekt. Het bij herhaling beschimpen van critici van de Israelische bezetting van Palestina holt de kwaadaardigheid van een onverdedigbare ideologie uit, een ideologie die in de dertiger en veertiger jaren van de vorige eeuw heeft geleid tot miljoenen doden.

Het laatste nieuws is dat de Palestijnse Autoriteit van Mahmoud Abbas maatregelen plant tegen Hamas. Het gevolg is nog meer ellende voor de 2 miljoen Palestijnen in Gaza die moeten leven in wat men enkel kan aanduiden als de grootste openluchtgevangenis ter wereld. En recent liet Channel 13 weten dat de lang verwachte deal of the century van president Trump na de verkiezingen van 9 april wordt bekendgemaakt. De essentie is: een Palestijnse staat op 85-90% van de Westelijke Jordaanoever, met annexatie van de grote nederzettingen en evacuatie van geïsoleerde illegale nederzettingen. Intussen heeft Abbas dat plan al verworpen.

Intussen worden in België de dossiers van Gazaanse asielzoekers extra grondig behandeld. Voor de autoriteiten rechtvaardigt de evolutie van de situatie in de Gazastrook een herziening van het beleid. Wat die evolutie dan concreet betekent en hoe men de individuele situatie van betrokkene kan beoordelen zegt men er niet bij, wel dat men de perceptie heeft “dat [voor de asielzoekers uit Gaza] ons land “the place to be” is, gevoed door smokkelaars”. De bevoegde minister zou zelfs overwegen de dossiers van reeds erkende vluchtelingen uit Gaza te herbekijken en hen mogelijk terug te sturen. Voor Vrede.be loopt het rechtse opbod rond migratie steeds verder uit de hand.

Saoedi-Arabië

De meeste Westerse mensenrechtenorganisaties en media blijven blind voor de slachting van de bevolking in Jemen door Saoedi-Arabië met steun van het Westen. Op de ranglijst van de mate waarin landen de mensenrechten respecteren komt Saoedi-Arabië absoluut op de laatste plaats. De Amerikanen en Britten verkopen het land voor miljarden wapens in ruil voor aardolie. Het waren Britse bommen die talloze slachtoffers maakten in Jemen. Toch blijft Saoedi-Arabië een bondgenoot die alles wordt vergeven.

De Westerse liefde voor Saoedi-Arabië gaat wel heel ver. Een paar jaar geleden werd een Saoedische diplomaat als expert benoemd in de mensenrechtenraad van de VN. Nadat in 2016 het land werd herkozen in de VN-mensenrechtenraad kreeg het in 2017 een zetel in VN-commissie voor vrouwenrechten.

Wie denkt dat er stemmen opgaan voor sancties tegen Saoedi-Arabië, een regeringswissel of een no-fly zone, komt bedrogen uit. Daarvoor is de macht van Westerse en Saoedische zakenbelangen te groot.

Algerije

De Arabische Lente lijkt aan olierijk Algerije voorbij te zijn gegaan. De Algerijnen hadden juist de bloedige jaren negentig achter zich gelaten en de regering had voldoende middelen om de sociale vrede af te kopen. Maar na de sterke daling van de olieprijs leek het land in 2018 op een keerpunt te staan. De International Crisis Group waarschuwt in een rapport, dat aan de orde kwam in de Financial Times en Le Monde, voor een catastrofale toestand in Algerije in 2019.

Dat deze bronnen een land op de korrel nemen gebeurt niet uit bezorgdheid voor de bevolking. Het is een schot voor de boeg voor wat er staat te gebeuren: buitenlandse inmenging, kleurenrevoluties zoals we elders hebben gezien. Het begint met het financieren van de oppositie, trainen van activisten om protestacties en confrontaties met de ordetroepen te organiseren, het vormen van een vijfde kolonne van door het Westen gesteunde Ngo’s, zelfs het aanzetten tot geweld en burgeroorlog. Moet een overheid afrekenen met dit soort aangestookte onrust en een oppositie die zijn orders krijgt van de VS of één van zijn bondgenoten, dan is het heel moeilijk om de geest weer in de fles te krijgen.

Julian Assange

Via WikiLeaks heeft Julian Assange heel wat duistere geheimen die oorlogsstokers en financiële elites liever bedekt houden aan de kaak gesteld. Denk aan het neermaaien vanuit een Amerikaanse Apache helikopter van tientallen burgers waaronder twee Irakese medewerkers van Reuters, en het plezier dat de bemanning had over de meervoudige moorden die ze juist gepleegd hadden. En aan de ‘Afghan War Logs’, de ‘Iraq War Logs’, de ‘Guantanamo files’, de ‘State Department Cables’ en heel wat andere diplomatieke berichten die de zwarte kant van het land van vrijheid en gelijkheid.

Voor Washington is WikiLeaks een bedreiging van de nationale veiligheid. Assange moet dus worden opgepakt. Die zit nu al meer dan zes jaar vast in de Ecuadoraanse ambassade in Londen, maar zijn dagen daar lijken geteld. De nieuwe Ecuadoraanse president Lenin Moreno dreigt hem de ambassade uit te zetten. Intussen maken Australische actiegroepen zich bij hun regering sterk om hun landgenoot bijstand te verlenen, maar ook Australië staat onder Amerikaanse druk. Datzelfde geldt voor de Britse regering. VN-mensenrechtenexperts hebben opnieuw geëist dat het VK Assange toelaat de Ecuadoraanse ambassade in Londen als vrij man te verlaten.

Tenzij een nieuwe Britse regering Assange laat gaan zal hij wel zwichten, zelf de ambassade uitstappen en in Amerika zijn verdediging ter hand nemen. De VS heeft een verzegelde aanklacht tegen hem klaarliggen. Maar tot op heden is Assange nog nergens van beschuldigd. Het staat wel vast dat hij daar geen eerlijk proces krijgt.

Tal van andere nieuwsfeiten, klein en groot

Bij veel incidenten leed de VS gezichtsverlies, denk aan de Khashoggi-crisis, de betrokkenheid bij de oorlog in Jemen, de afgang in Afghanistan en Irak, de mislukking om Maduro in Venezuela ten val te brengen, de handelsoorlog met Europa en het rampzalige economisch conflict met China, het groteske optreden van de Amerikaanse ambassadeur Nikki Haley in de VN-Veiligheidsraad, het intellectuele deficit om een productieve ontmoeting met de Russische president Poetin te hebben, …

Wat al deze pijnlijke zaken gemeen hebben is het feit de VS er maar niet in slaagt zaken gedaan te krijgen.

Van 2018 naar 2019: de belangrijkste geopolitieke trends (1)

Bij de overgang van 2018 naar 2019 past een overzicht van de belangrijkste geopolitieke trends in de wereld. In een reeks van vijf artikelen die we in kort tijdsbestek onder deze headline publiceren geven we per issue een beknopt overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen, inclusief hoe we die dit jaar zien ontwikkelen. Vandaag het eerste deel:

Deel 1: De grootste brandhaarden



Koreaans schiereiland

De kwestie Noord-Korea is nog geen stap dichter bij een oplossing. Wie herinnert zich niet het plan van de Amerikaanse president Trump om niet één, maar drie vliegdekschepen naar het Koreaanse schiereiland te sturen en zijn dreigement om het land totaal te vernietigen? Intussen hebben de beide Korea’s intensieve bilaterale contacten ontwikkeld en is er van het Amerikaanse wapengekletter niets overgebleven. De recente nieuwe Amerikaanse sancties tegen drie hoge Noord-Koreaanse functionarissen lijken een volgende stap naar nucleaire ontwapening serieus in de weg te staan.

Het laatste nieuws is dat Trump een tweede top heeft voorgesteld voor half februari in Vietnam. Pyongyang en Washington zitten in een impasse over de denuclearisatie van het Koreaans schiereiland. Noord-Korea wil sanctieverlichting, de VS wil eerst de volledige opdoeking van het kernwapenprogramma. In zijn nieuwjaarstoespraak waarschuwde de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un dat hij zijn eigen weg zou gaan als de VS druk blijft uitoefenen, maar hield wel de deur open voor een nieuw gesprek met Trump.

Tenslotte het bericht dat Zuid-Korea de komende 5 jaar voor $84 miljard aan nieuwe wapens zal kopen. Die moeten inzetbaar zijn tegen kern- en massavernietigingswapen “uit elke richting”. Het lijdt geen twijfel dat de aankopen in Amerika zullen worden gedaan. En dat is goed nieuws. Nu Zuid-Korea zijn defensiecapaciteit opvoert krijgt Kim Jong-un een nieuwe troef in handen in zijn dialoog met Trump: “nu onze zuiderburen hun defensie op peil brengen kunt u de Amerikaanse troepen terugtrekken”.

Syrië

In april voerden de VS, Frankrijk en het VK luchtaanvallen uit als als antwoord op een beweerd maar geenszins bewezen gebruik van chemische wapens. Voor Trump mag het dan “missie volbracht” zijn geweest, het Kremlin liet nuchter weten dat 71 van de 103 kruisraketten werden neergehaald. Een mislukte militaire operatie die op geen enkele manier werd opgevolgd. Een missie ook in strijd met het internationale recht: Syrië vormt geen enkele bedreiging, de aanvallers opereerden zonder mandaat van de VN-veiligheidsraad.

In september verdween een Russische Iljoesjin-20 boven Syrië van de radar op een moment waarop Israëlische F-16’s in de onmiddellijke omgeving bombardementen uitvoerden. De Iljoesjin bleek te zijn neergehaald door Syrisch luchtafweergeschut bedoeld voor de Israelische F-16s, die kennelijk zich bewust had verscholen achter de Iljoeshin. Het incident leidde tot een serieuze crisis. Toen de Israeli’s geen schuld bekenden hakten de Russen de knoop door: Syrië werd in sneltreinvaart uitgerust met geavanceerde luchtverdedigingssystemen. De Israeli’s dreigden elke S-300 batterij te vernietigen, maar konden enkel toezien hoe de Russen de waterdichte Syrische luchtverdediging operationeel maakten.

En in december koos Trump temidden de strijd tussen zijn adviseurs voor de vlucht vooruit en gaf opdracht voor de volledige terugtrekking van de Amerikaanse troepen uit Syrië. Wat hiervan uiteindelijk terecht komt valt af te wachten, zeker nadat veiligheidsadviseur John Bolton begin januari 2019 de Turken een diktaat overhandigde voor een “weloverwogen, ordelijke en opportune” terugtrekking. Hoe het ook zij, het is interessant vast te stellen dat wij geen Westerse leiders meer horen die in koor “Assad must go” roepen en zelfs het machtige Amerika blijkbaar de verzwakte Syrische regering niet naar zijn hand kan zetten.

Oekraïne

Een aanval van de Nazi-junta in Kiev op de Donbass bleef uit. Blijkbaar heeft de waarschuwing van de Russische president Poetin dat zo’n aanval “ernstige gevolgen zou hebben op het voortbestaan van Oekraïne als staat” bij de machthebbers in Kiev indruk gemaakt. Maar als we de woordvoerster van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken mogen geloven plant Oekraïne een nieuwe provocatie in Donbass. “Wij houden rekening met een geënsceneerde chemische aanval om de vijandelijkheden aan te wakkeren en hebben internationale waarnemers opgeroepen”, aldus Maria Zakharova.

Intussen konden de rechts-extremistische neo-nazi milities, die ijskoud de symbolen en ideologie voeren uit de dertiger en veertiger jaren uit de vorige eeuw, ongehinderd hun gang gaan. Voor de talloze mensenrechtenschendingen op de bevolking in de Donbass en West-Oekraïne hebben de Westerse media hoegenaamd geen belangstelling. Het Westen noch Israel bekreunden zich over het bericht in de Israelische krant Haaretz dat wapens die Israel had geleverd aan Oekraïne bij ultrarechtse milities zoals het Azov-bataljon terecht waren gekomen.

Iran

Trump zegde de Iran-deal op en legde nieuwe sancties op. Iran’s auto-industrie moest het ontgelden, net als de handel in goud en andere edele metalen. Iran’s energiesector, scheepvaart, verzekeringssector en centrale bank volgden. Nieuw waren de dreigementen om bondgenoten en niet-bondgenoten sancties op te leggen mochten die zaken met Iran willen doen. De meeste Westerse investeerders trokken zich uit Iran terug. De bedoeling is duidelijk: regime change.

Deze maatregelen hebben ook geleid tot verslechterde relaties met de Amerikaanse bondgenoten in Europa. De grote daarvan waren medeondertekenaars van de Iran-deal, en hadden grote, deels reeds in uitvoering zijnde investeringsplannen voor Iran. Europese multinationals krijgen geen dispensatie. De VS dreigt hen af te snijden van het Amerikaanse financieel systeem als ze toch zaken doen met Iran.

Het is vooral de Israel Lobby die aanstuurt op een Amerikaanse militaire interventie in Iran. Na Irak, Syrië en Libië zou een conflict met Iran het laatste item zijn in de Neocon agenda. De druk op de ketel wordt steeds verder opgevoerd. Australië staat klaar om toe te treden tot een Coalition of the Willing. Veiligheidsadviseur John Bolton heeft allerlei plannen om sociale onrust uit te lokken naar het model van Maidan/Kiev in Oekraïne. En recent werd bekend dat Bolton opties voor een aanval op Iran had laten onderzoeken naar aanleiding van een incident met mortiergranaten in de buurt van de Amerikaanse ambassade in Bagdad.

Een oorlog met Iran wordt een ander conflict dan dat met Irak, Syrië of Libië. Iran zal keihard terugslaan, overal waar het de VS maar kan raken. De Iraanse president Rohani zei daarover: “Vrede met Iran is de moeder van alle vredes. Oorlog met Iran de moeder van alle oorlogen”.

Hoe grootmacht Amerika zijn dominante positie probeert te vrijwaren

De VS ziet China als zijn gevaarlijkste tegenstander in de strijd om het behoud van zijn wereldhegemonie. Om zijn dominante positie veilig te stellen is het volop bezig met de militaire omsingeling van China, gericht op de controle over de rijke energie- en mineraalbronnen in het Midden-Oosten en Azië. Aankomende en bestaande kernmogendheden als Iran en Noord-Korea staan haaks op de ambities van de VS en worden dus afgedreigd. De geschiedenis leert echter dat militaire dominantie zich niet langer vertaalt in politiek voordeel. De VS moet “soft power” ontwikkelen en zich opmaken voor een multipolaire wereld.

In het geopolitieke landschap van vandaag ziet de VS in China zijn enige echte rivaal. Het vreest op termijn door dat land te worden overvleugeld. Niet op militair, maar op economisch vlak. Olie speelde een belangrijke rol in de oorlog in Irak en waardevolle mineralen in die in Afghanistan. Zaken waar de VS de controle over wil houden. Opkomende economische wereldmacht China moet de tweede viool blijven spelen. Waarbij de VS rekent op zijn militaire dominantie. In dat kader paste de opzegging in 2002 van het Anti-Ballistic Missile (ABM) verdrag. Het Amerikaanse antirakettenschild is niet bedoeld tegen Iran of Noord-Korea, maar tegen China. Na ABM zal Amerika zich ook uit het Ruimteverdrag van 1967 moeten terugtrekken om het rakettenschild operationeel te kunnen maken. China ziet in Amerikaanse ruimtewapens een bedreiging voor zijn nucleaire afschrikking. Nu de VS in de Geneefse Ontwapeningsconferentie elke onderhandeling op dit terrein blokkeert laat China weten niet passief te blijven toezien hoe de VS zijn hegemoniale positie vergroot.

Om zijn werelddominantie te behouden voelt de VS zich genoopt zijn bewapening verder uit te bouwen. Het onderkent dat het zijn economische wereldpositie aan China zal moeten laten. De handelsbalans blijft zeer negatief. Intussen heeft Japan in China economisch een enorme voet aan de grond gekregen. Uiteindelijk zal Japan daarom voor China kiezen. De toekomst van Japan ligt in Azië, o.a. in Siberië. In tegenstelling tot China heeft Japan de middelen om dat gebied economisch te ontwikkelen. Met de groei van een binnenlandse markt in China zal Japan zich ook meer en meer uit de westerse markten terugtrekken. De eerste tekenen van een zelfbewuster Japan werden duidelijk met het aantreden van de nieuwe Japanse regering Hatoyama. De VS heeft meer dan 700 militaire bases in het buitenland. Alleen de 90 bases in Japan worden gefinancierd door Japan. Het Japanse eiland Okinawa herbergt 35 VS bases. Toen premier Hatoyama één van die bases wilde sluiten brak in de VS bijna paniek uit. Iets wat veel zegt over de zorgen die de VS zich in het Obama tijdperk maakt.

Begin dit jaar verslechterde de relatie VS-China sterk door de verkoop van hoogtechnologische wapens aan Taiwan, waaronder 200 Patriot raketten. De kop “U.S. Arms for Taiwan Send Beijing a Message” in de New York Times was veelzeggend. China reageerde met het opschorten van de militaire banden met de VS, wat tot vandaag kwaad bloed zet. Defensieminister Robert Gates annuleerde een bezoek aan Beijing, waarna zowel het Witte Huis als het Pentagon een serie ondubbelzinnige boodschappen naar China stuurden. De VS zocht al eerder de confrontatie met China. Zo liet buitenlandminister Hillary Clinton vlak na haar aantreden weten: “De regering Obama werkt aan verbetering van de relatie met een aantal Latijns Amerikaanse landen als antwoord op de toenemende invloed op het Westelijk Halfrond van Iran, China en Rusland”. De spanning nam nog toe toen de VS drie van zijn modernste onderzeeërs liet aanmeren in Zuid-Korea, de Filippijnen en Diego Garcia, als sluitstuk op de verhuizing van 60% van zijn 53 aanvalsonderzeeërs naar de Stille Oceaan. Voor China een sinds de Koude Oorlog ongeëvenaarde machtsvertoning die grenst aan belegering van China en een teken dat de VS vastbesloten is zijn militaire dominantie in Azië te handhaven.

Vandaag omsingelt de VS China via overeenkomsten met Kazakstan, Kirgizië, Tajikistan, Afghanistan, Pakistan, Mongolië en Taiwan. De oorlog in Afghanistan gaat zijn 10e jaar in zonder enig teken dat de Westerse militaire aanwezigheid uit China’s achtertuin vertrekt. De VS blijft genesteld in Japan en Zuid-Korea, is terug in de Filippijnen en sluit militaire overeenkomsten met bijna alle landen in Zuidoost-Azië, incl. India. Het heeft 60% van zijn Tomahawk kruisraketten op de 7e Vloot in wateren die China tot zijn invloedssfeer rekent. En de VS greep de ondergang van de Zuid-Koreaanse onderzeebootjager Cheonan direct aan om de druk nog verder op te voeren. China moest zich harder opstellen rond de kwestie van de Noord-Koreaanse kernwapens. Wat in de pers werd omschreven als “berichten” heette vroeger kanonneerbootdiplomatie. Geen land, coalitie of internationale organisatie heeft ooit het recht opgeëist de wereld op te delen in operationele militaire zones. Maar de VS doet dat. Van de 6 zones is de Pacific Command, die al bij het begin van de Koude Oorlog werd ingesteld, de grootste: de zone beslaat 50% van de wereld, 36 landen, 60% van de wereldbevolking, en een VS krijgsmacht van 300.000 man, nog versterkt door de verdragen met Australië, Japan, Nieuw Zeeland, de Filippijnen en Zuid Korea.

Rond het incident met de Cheonan bevestigde intussen ook de NAVO zijn steun: “De alliantie streeft naar een nauwere samenwerking met Zuid-Korea en ijvert voor een Veiligheidsraadsuitspraak die het NAVO-standpunt weerspiegelt”. Het feit dat de VS het Cheonan incident aangrijpt om Noord-Korea onder druk te zetten is tekenend voor de onzekerheid van de VS binnen het veranderende geopolitieke landschap. Maar de conclusie dat de ramp werd veroorzaakt door een Noord-Koreaanse torpedo wordt betwist. Het onderzoek werd uitgevoerd door Zuid-Korea, de VS, Australië, het VK en Zweden (Noord-Korea en China werden geweerd), maar door de experts niet ondertekend. De Zuid-Koreaanse bevolking stelt zich vragen: waarom detecteerde de Cheonan geen Noord-Koreaanse onderzeeër, waarom mochten de 58 overlevenden geen verklaring afleggen, is er geen verband met de recente verkiezingen? Uit Russisch onderzoek blijkt dat zich in de wijde omgeving van de Cheonan geen Noord-Koreaanse onderzeeërs ophielden, het schip over de zeebodem had geschuurd, visnetten rond de schroef had gekregen en waarschijnlijk door een zeemijn onderging. De gretigheid waarmee de VS dit incident aangrijpt om Noord-Korea onder druk te zetten doet denken aan de oorlogsretoriek destijds aan Irak en thans aan Iran. De VS duldt geen kernwapenmogendheid in het Midden-Oosten naast bondgenoot Israel, noch op het Koreaanse schiereiland.

De Westerse manier van oorlogvoeren lijkt achterhaald. Hoe vernietigend de wapensystemen ook worden, ze leveren geen overwinning op. Slechts twee landen hebben dat nog niet begrepen: de VS en Israel. Die blijven geloven in militaire superioriteit. In hun politieke taal is “vrede” een codewoord voor “permanente onderwerping van de tegenstander”. Militaire dominantie vertaalt zich niet meer in concreet politiek voordeel. Dwang lokt verzet uit. Verzetsbewegingen laten zich niet intimideren, zelfbewuste landen beschermen zich met kernwapens tegen aanvallen met conventionele wapens. De term “overwinning” is vandaag een hersenschim. De toekomst is aan “soft power”. Twintig jaar geleden vroeg een knorrige Madeleine Albright: “Vanwaar deze superieure militaire macht als we die niet kunnen inzetten?”. Vandaag moet het Westen zich afvragen wat het nut is van het voortdurend gebruik van superieure militaire macht als dat gewoon niet werkt. Het feit dat het deze vraag uit de weg gaat duidt op de corruptie en hypocrisie van de politieke klasse.

Bronnen
Yvan Vanden Berghe: “De oorlog tegen Irak: uit angst voor China”
Kees Homan: “De vierde dimensie.”
Caroline de Gruyter: “Voorstel voor verdrag tegen ruimtewapens”
John Feffer: “Can Japan Say No to Washington?”
Rick Rozoff: “The Drums of War? Pentagon Provokes New Crisis With China”
De Volkskrant: “False Flag Operation : Incident Cheonan”
Interview van Susan Osman met Yoichi Shimatsu en Chung Kiyul op 14 juni 2010
Alexander Vorontsov, Oleg Revenko : “War Pretext Incident? The Sinking of the South Korean Corvette in the Yellow Sea. Was the Evidence Forged?”
The Hankyoreh: “Russian Navy Expert Team’s analysis on the Cheonan incident”
Andrew Bacevich: “The End of (Military) History? The US, Israel, and the Failure of the Western Way of War”