Geen Palestijnse staat, maar gelijke rechten voor iedereen in Israël

Flag in effigy of Marwan Barghouti, during World Social Forum held in Tunisia
Photo: Ashoola (Wikimedia Commons)


Israël staat niet boven het internationaal recht. Het land vreest voor de consequenties van een ICC-onderzoek. Na een mislukte poging een minderheidsregering te vormen stapte Gantz in een regering van nationale een­heid. Een Palestijnse staat komt er niet. De wereld moet zich hard maken voor gelijke rechten voor iedereen in Israël.

Nederland is in Europa sinds jaar en dag haantje de voorste om Israël in bescherming te nemen. Recent verzette een parlementaire meerderheid zich tegen een onafhankelijk onderzoek naar de bloed­baden aan het afscheidingshek in Gaza. Op 9 maart stuurde de Nederlandse Stichting Christenen voor Israël een urgente brief aan alle voorgangers en kerken in Nederland. Daarin roept de Stichting op om te bidden voor Israël en het Joodse volk. De aanleiding voor de op­roep was “de aankondiging van de Openbare Aanklager van het Internationaal Strafhof (ICC) om onderzoek te gaan doen naar vermeende oorlogsmisdaden van Israëlische lei­ders”.

Terwijl de Stichting spreekt van een beschuldiging van Israëli­sche leiders vraagt de VN-Mensenrech­tenraad slechts onderzoek naar het optreden van zowel Hamas als het Israëlische leger. Aanklager Fatou Bensouda vraagt de rechters enkel een ruling die het Strafhof de bevoegdheid geeft zo’n onderzoek op te starten. Vreemd genoeg plaatst de Stichting hetgeen zij een be­schuldiging noemt in de context van de “historische band van het Joodse volk met het land, en daarmee het legitieme bestaansrecht van Israël”. De internationale gemeenschap zou dat bestaansrecht “stelselmatig” ontkennen, Israël de­moniseren en be­stempelen als misdadig, en de Joden als de schuldigen aanduiden.1

Duitsland spreekt zich uit tegen een ICC-zaak tegen Israël

Nederlandse orthodoxe protestanten, die menen te leven in een tijd “waarin God Zijn be­loften aan het Joodse volk vervult”, zijn niet de enigen die het ICC-onderzoek willen verijdelen. Netanyahu, die het ICC zelfs antisemitisch noemt, heeft ook zijn andere Europese bondgenoten voor zijn karretje weten te spannen. Oostenrijk, Tsjechië, Hongarije, en Duitsland roepen om het hardst dat het ICC geen rechtsmacht heeft in een zaak tegen Israël. Duitsland, het machtigste land binnen de EU, sprak zich dan wel uit tegen Trumps deal of the century, maar ook tegen een ICC-zaak tegen Israël.

Duitsland legt het lot van de Palestijnen liever in handen van de Israëlische premier Netanyahu. Voor Duitsland geldt het internationaal recht blijkbaar niet voor de Palestijnen. Israël en Duitsland dwarsbomen het ICC, uitloper van de Neurenberg-processen. Duitsland, dat voortdurend verkondigt de les­sen uit de Tweede Wereldoor­log ter harte te nemen, verhindert een internationale rechtbank om oorlogsmisdaden van Israëli’s en Pa­lestijnen te onderzoeken.2 De hysterische reactie van Israël op de aankondiging van het ICC vloeit niet voort uit het ge­bruikelijke arrogante vertrouwen op zijn macht, maar uit angst voor consequenties voor de onderdrukking van de Palestijnen.

Na de verkiezingen van 2 maart slaagde Gantz er niet in een minderheidsregering te vormen. Zijn positionering deugde niet. Hij had kiezers moeten aanspre­ken met een geweten, die deep inside wel weten dat dít Israël het niet haalt. Hij had de deur kun­nen openzetten voor verzoening tussen Israëlische Joden, moslims en christenen, het startschot geven voor een maatschappelijk debat rond dat thema. Hij had moeten aankondigen een verrassende nieuwe weg te willen inslaan door de Palestijnse Nelson Mandela, Fatah-leider Marwan Bar­ghouti3, vrij te laten, en in de voetsporen te willen treden van Frederik Willem de Klerk, de man die de apartheid in Zuid-Afrika afschafte.

Geen nieuwe weg

Uiteindelijk werd de verkie­zing van 2 maart niet een kantelpunt in meer dan 70 jaar onrecht voor de Palestijnen. Op 17 mei 2020 gaf het Israëlisch parlement groen licht voor een regering van nationale een­heid. Netanyahu leidt de regering de eerste 18 maanden, waarna Gantz het roer overneemt. Gantz, die bij herhaling geweigerd had onder Netanyahu in een kabinet te zitten, liet weten dat dit niet zijn droomregering is. Zijn partij Blauw-Wit viel onmiddellijk na zijn ommezwaai uiteen. Zijn voormalige colle­ga’s beschikken over meer zetels in het parlement dan hij, en heb­ben al een harde oppositie aangekondigd. Dat belooft weinig goeds voor de stabiliteit van de nieuwe regering.

Vandaag, een week na de regeringsvorming, moest voor het eerst in de Israëlische geschiedenis een zittende premier voor de rechter verschijnen, beschuldigd van fraude en corruptie. Ne­tan­yahu, die er niet in slaagde de rechtsgang te blokkeren, zal proberen zijn proces jaren te laten aanslepen. Voor de juist nieuw be­noemde – en fervent Netanyahu-getrouwe – parlementsvoorzitter Yariv Levin deugt het Israëlische rechtssysteem niet. Tegelijk in­spireert de zijn onschuld uitschreeuwende premier tot gewelddadig straat­protest. Het zijn bedenkelijke ontwikkelingen in wat moet door­gaan voor een rechtsstaat.

Het coalitieakkoord tussen Netanyahu en Gantz voorziet in de eerste plaats in maatregelen in verband met de coronacrisis, maar ook het issue van de annexatie van delen van de Westelijke Jordaanoever, waar zo’n 3 miljoen Palestijnen wonen, is prominent vermeld: de premier mag per 1 juli de annexatie aan het kabinet voorleggen, en vervolgens voor goedkeuring aan het parlement. Het staat vast dat het parle­ment de annexatieplannen steunt. Het is een belangrijke speerpunt van Netanyahu, en speelt de herverkiezing van de Amerikaanse pre­si­dent Donald Trump in de kaart.

Geen overhaaste annexatie

Opvallend genoeg noemde de Amerikaanse minister van Bui­ten­landse Zaken Mike Pompeo in de krant Israel Hayom de geplan­de annexatie, die strijdig is met het internationaal recht, een “Isra­ëlische beslissing” die niet overhaast moet worden genomen, en moet resulteren in een situatie die strookt met de vredesvisie van de Amerikaanse president. De annexatie kent in Israël ook tegenstan­ders. Ruim tweehonderd afgezwaaide officieren uit het leger en de veiligheidsdiensten tekenden een verklaring waarin zij de regering waarschuwen dat de plannen de vredesovereenkomst met Jordanië op het spel kunnen zetten en een Palestijnse volksopstand zouden kun­nen uitlokken.

Het impromptu bezoek van Pompeo duidt erop dat Israël misschien geen stappen moet zetten zonder overleg met de Palestijnen. Mogelijk legt de waarschuwing van de Jordaanse koning Abdoellah gewicht in de schaal. Die zag in de Duitse krant Der Spiegel een “enorm conflict” in het verschiet en een mogelijke op­zeg­ging van het vredesverdrag met Israël als de annexatieplannen worden uitgevoerd. De koning had eerder al gewezen op de sterk verslechterde banden tussen Israël en Jordanië. Ook de Israëlische krant Haaretz waarschuwt4: Amerikaanse erkenning van Israëlische soevereiniteit over de nederzettingen is geen verzekeringspolis die Israël toelaat een­zijdig Palestijns land in te lijven.

Omverwerping van de Jordaanse mo­narchie?

De op annexatie beluste rechtse Israëlische leiders lijken zich niet te laten afschrikken door potentiële conflicten met de Pales­tijnen of Jordaniërs. Zij zien in de omverwerping van de Jordaanse mo­narchie een kans om Jordanië om te vormen tot een Palestijnse staat. Maar zo’n vaart zal het niet lopen. Een kruis over het koningschap in Jordanië zet ook de dictatuur van het daaraan verwante huis Saud in Saoedi Arabië op losse schroeven. Niet voor niets schrijft het akkoord tussen Netan­yahu en Gantz voor dat uitvoering van het plan-Kushner, het Amerikaanse annexatieplan, geen gevolgen mag hebben voor de stabiliteit in de regio en voor de lopende vredesakkoorden.

Moeten we hopen dat het plan-Kushner een stille dood sterft? Ja, omdat annexatie in strijd is met het internationaal recht, maar nee omdat annexatie Israël de jure soevereiniteit geeft over Palestijnse gebieden waar het de facto al de macht uitoefent, en waar het de Palestijnen onder internatio­naal recht volledige burgerrechten moet verlenen. De realiteit is dat een Palestijnse staat in de zin van het inter­nationaal recht, met volledige zeggenschap over zijn grondgebied, lucht­ruim, en maritieme grenzen, door de jarenlang aanslepende en door de internationale gemeenschap gedoogde feiten op de grond niet langer haalbaar is. Het ‘vredesproces’ was nooit echt gericht op een Palestijnse staat.5

Waar het per saldo om moet gaan is dat de in­ter­nationale gemeenschap Israël aan de schandpaal nagelt voor het feit dat het een apartheidsstaat is waar de helft van zijn onder­danen elementaire burger- en mensenrechten moeten ontberen. Dat is waar de Europese Unie zich hard voor moet maken. Niet voor een reeks verbrokkelde Bantoestans onder de valse noemer ‘Pa­les­tijnse staat’, waar de bevolking als slaaf afhankelijk blijft van de Israëlische meesters. Europa moet de Israëlische apartheid even hartstochtelijk bestrijden als destijds de Zuid-Afrikaanse, wars van elke Amerikaanse druk.

Dit artikel is een uittreksel uit de geactualiseerde epiloog van mijn boek ‘Het zionistische project Israël. Etnisch zuiver of binationaal gidsland?’

1 ‘Brief aan kerken: bid voor Israël’, in Christenen voort Israël, 9 maart 2020, https://christenenvoorisrael.nl/2020/03/brief-aan-kerken/

2 Greg Wilpert interview met Norman Finkelstein: ‘Germany Plays Key Role in Undermining ICC Case Against Israel’, in The Real News, 5 maart 2020, https://therealnews.com/stories/germany-role-undermining-international-criminal-court-case-israel

3 Lookman, Paul: ‘Kan “de Palestijnse Nelson Mandela” de impasse doorbreken?’, in Geopolitiek in perspectief, 12 juli 2010, https://geopolitiek-in-perspectief.blogspot.com/2010/07/kan-de-palestijnse-nelson-mandela-de.html

4 Editorial: ‘Jordan King’s Warning About Annexation’, in Haaretz, 17 mei 2020, https://www.haaretz.com/opinion/editorial/jordan-king-warning-israel-annexation-west-bank-1.8851024

5 Weiss, Philip: ‘Peace process was never intended to give Palestinians a state — true confessions from Council on Foreign Relations’, in Mondoweiss, 22 mei 2020, https://mondoweiss.net/2020/05/peace-process-was-never-intended-to-give-palestinians-a-state-true-confessions-from-council-on-foreign-relations/

Joden en Palestijnen worden bondgenoten


Wat bezielt de Joden om van Israël een etnisch zuiver land te maken? Wie zijn de vijf miljoen Palestijnen achter de afscheidingsmuur, of opgesloten in Gaza? Hoe voelt het om misschien toch het land te moeten delen?

Het zionistische project Israël. Etnisch zuiver, of binationaal gidsland? vertelt het verhaal van twintig eeuwen Jodenvervolging, wat antisemitisme voor Joden betekent, en waarom het zionistische project werd opgezet. Het boek belicht ook hoe voor Arabieren Israël een bastion van Westers imperialisme is, en de Israëli’s vertegen­woordigers zijn van de vijandige Westerse wereld die oud zeer wil wreken op een volk dat hen beschaving heeft gebracht. De bevrijding van Palestina werd de officiële mantra van Arabische heersers die heimelijk met de koloniale mogendheden samenspanden tegen de Palestijnen.

Aan de hand van recent onderzoek laat Lookman zien dat de Arabische massa tegen erkenning van de zionistische staat is. Het feit dat hun leiders zich inlaten met Israël heeft hun legitimiteit aangetast en de volkswoede aangewakkerd. Bij de volksopstanden in 2011 kookten deze gevoelens over. Het lot van de Palestijnen is een belangrijk element in de grieven. Dat maakten de Palestijnse vlaggen tijdens de protesten duidelijk.

Tweeduizend jaar strijd heeft de Joden een onhoudbare koloniale staat opgeleverd. Vandaag is een tweestatenoplossing een hersenschim: 600.000 kolonisten laten zich niet wegjagen. Het alternatief is een democratische staat voor Joden én Palestijnen. Dat vergt een grondig maatschappelijk debat zoals dat onder Frederik Willem de Klerk, de man die de apartheid in Zuid-Afrika afschafte.

*****

ISBN 978-94-6406-017-1
300 pagina’s, 168 voetnoten
17 x 24 cm
NUR 740, 747, 906, 716
Te koop via de boekhandel, of:
voor Nederlandse kopers: https://bit.ly/2QSUhxe
voor Vlaamse kopers: €30 storten op BE91 9733 8390 1176 t.n.v. Paul Lookman, Beringen, en adresgegevens doormailen naar paul-robert@telenet.be

Netanyahu exploits coronavirus pandemic to build up dictatorial regime in Israel

Benjamin Netanyahu after Thousands Protested In Front Of Israels Embassy In Cairo. Photo: Ahmad Nady (Wikimedia Commons)


By Jean Shaoul

Hundreds of demonstrators protesting against the government’s surveillance measures and the closure of the Knesset, Israel’s parliament, converged on the capital Jerusalem Thursday, in defiance of a ban on large gatherings imposed because of the spread of the coronavirus.

They accused caretaker Prime Minister Benjamin Netanyahu of using the pandemic to consolidate his own position—he faces charges of bribery, corruption and breach of trust in three separate cases—and establish a dictatorship. Their banners read, “No to dictatorship” and “Democracy in danger.” They called Netanyahu the “crime minister.”

The police, in an effort to block the protesters’ entry into the city, turned cars away, leading to scuffles and five arrests. Opposition leaders accused the police of trying to stifle protests at the behest of an un-elected government acting without the Knesset’s authority, accusations the police denied.

The rally’s organisers said their aim was “to save Israel’s democracy” following Netanyahu’s announcement in the early hours of Tuesday morning that the cabinet—not the Knesset—had approved a highly controversial measure that would allow the domestic security service, Shin Bet, to track Israelis’ phones to locate where carriers of the coronavirus had been, and then send a text message to everyone who may have been in the vicinity, telling them to self-isolate.

It means that the same technology that Shin Bet and the police have long used to track Palestinian militants will now be used against Israeli civilians as a weapon against the pandemic. It would affect a great many people, not just those infected but those who are in their proximity.

The Adalah legal centre and the Association for Civil Rights in Israel (ACRI) have filed a petition against the government’s decision authorising Shin Bet to track Israelis’ phones on the grounds that the regulations violate the privacy of the citizens in a disproportionate way. They say, “The usefulness of the draconian measures, obtained after sweeping restrictions on the public have already been imposed, is marginal compared to the serious violation of individual rights and the principles of the democratic regime.”

These measures are being imposed in the context of the terminal decay of Israeli democracy, which has collapsed in the face of the three-fold pressures of the decades-long military suppression of the Palestinian people, the rising social inequality within Israel itself, which ranks among the highest in the developed world, and now the health and economic crisis triggered by the pandemic.

Netanyahu had fast-tracked the measures through the cabinet, using emergency laws, after the outgoing Knesset intelligence committee, led by former IDF chief of staff, Gabi Ashkenazi, refused to approve the proposal without a full discussion by the committee of the incoming Knesset. Attorney General Avichai Mandelblit approved the cabinet’s decision, promising that the information collected would be destroyed after 30 days.

The emergency laws Netanyahu used to give the surveillance measures a veneer of legality were originally passed by the British Mandate government that ruled Palestine from 1918 to 1948. Following the establishment of the State of Israel in 1948, they have been used extensively against Palestinians in the occupied West Bank and Gaza, and only occasionally against individual Israeli citizens, but certainly not in such a wide scale manner as is now proposed.

On Wednesday, the Knesset Speaker and member of Netanyahu’s Likud Party Yuli Edelstein refused to convene the Knesset to vote for a new Speaker as required. He also refused to allow the Knesset to vote on setting up parliamentary oversight of the government’s surveillance measures, saying he was locking the plenary, at least until next week. While he cited the need for unity talks with the opposition Blue and White bloc and coronavirus regulations that prevented gatherings of more than 100 people, this was widely seen as cover for holding on to his own position and paralysing parliament for as long as possible. His purpose was evidently to delay the selection of his successor, since that would be followed by legislation preventing an incoming indicted prime minister from serving and any oversight of the government during the most severe political crisis in the state’s 72-year history.

The Knesset legal adviser Eyal Yinon ruled Edelstein’s closure of the plenary into next week as out of order, while President Rivlin called Edelstein to tell him to reopen parliament. The President’s Office said that Rivlin “implored” Edelstein “to ensure ongoing parliamentary activity, even during the coronavirus crisis.”

The Blue and White party, for its part, filed a High Court petition against Edelstein’s decision to close the Knesset, with Ofer Shelah, a Blue and White Knesset member saying that Netanyahu and Edelstein “are not only trying to destroy Israeli democracy, but also to cause the election results to be disregarded.” He added that Edelstein “hijacked” the Knesset by preventing a plenum vote on a new Knesset speaker, knowing there is a majority for replacing him. He said, “We won’t let that happen.”

Edelstein’s closure of the Knesset, less than 48 hours after the new Knesset members were sworn in, is the latest manifestation of Israel’s deadlocked political system.

Netanyahu was forced to announce elections in late 2018 after one of his coalition partners, Avigdor Lieberman’s nationalist Yisrael Beiteinu (Israel is our Home), quit the government. Since then, following three deadlocked elections in less than a year, he has led—or more precisely dominated—a caretaker government that, unable to set a budget or pass legislation, in effect rules by decree without any effective parliamentary oversight.

After the last election on March 2, President Reuven Rivlin called on the Blue and White’s leader, former Israel Defence Forces (IDF) chief of staff Bennie Gantz, to form a government. Despite being nominated by 61 members of the 120-seat Knesset, it is far from certain that Gantz will be able to do so.

Netanyahu, in the meantime, has used the pandemic to press Gantz to join “without hesitations” in forming an “emergency unity government” so that “together we will save tens of thousands of citizens.” He made it clear, however, that an emergency unity government would not include the third largest party, the four Arab parties in the Joint List, telling Gantz that “There is no place for supporters of terror, in routine times and during emergency.”

His Justice Minister Amir Ohana has declared a state of emergency in the justice system due to the coronavirus outbreak, thereby enabling him to postpone Netanyahu’s trial, set for March 17, to May 24.

Netanyahu has exploited the coronavirus to cast himself as the only figure capable of responding to a national emergency. He has used his daily press conferences to sow fear. While introducing a series of sweeping restrictions that are no doubt justified by the threat of the pandemic—requiring all visitors and citizens returning to the country to self-quarantine for 14 days, closing schools and universities, banning gatherings of more than 100 people and ordering people to stay at home—he is utilizing the state of emergency to consolidate his dictatorial grip over the Israeli state apparatus.

On Friday, the cabinet imposed further restrictions—again bypassing parliamentary oversight by using state emergency regulations—making the restrictions imposed earlier in the week legally binding and enforceable. It ordered Israelis not to leave their homes or visit parks and beaches, other than for food, medicine, medical care and essential work.

The health authorities confirmed 705 COVID-19 cases, of which at least 10 are in serious condition. Two ministers and two legislators are in quarantine after being in contact with someone who tested positive for the coronavirus. In the West Bank, there are 47 confirmed cases.

The health care system, neglected for years, has been the victim of repeated budget cuts, as Israel’s war machine took priority over everything, including a growing population, resulting in a service that was already on the point of collapse. It faces the current crisis totally unprepared, with serious shortages of necessary medical equipment to fight the outbreak. The staff at Ichilov Hospital in Tel Aviv wrote to the hospital administrator saying that they did not feel properly protected from the coronavirus outbreak and they were “beginning to fear for our health.”

Netanyahu, as befits the leader of a garrison state, promptly called on Mossad, Israel’s spy agency, to use its web of secret contacts around the world, including Arab and Muslim countries that were better supplied but with which Israel has no diplomatic relations, to find relevant medical supplies. Mossad announced that it had bought 100,000 test kits, only to find they were the wrong ones.

This article first appeared on World Socialist Web Site (WSWS) on 21 March 2020, and was republished with permission.

De destructieve cocktail Trump-Netanyahu: blind voor de realiteit

President Donald J. Trump delivers remarks with Israeli Prime Minister Benjamin Netanyahu Tuesday, Jan. 28, 2020, in the East Room of the White House to unveil details of the Trump administration’s Middle East Peace Plan. (Official White House Photo by Shealah Craighead)


Na twee mislukte afzettingspogingen blaakt Trump van zelfvertrouwen. In zijn State of the Union moeten kleurlingen, moslims en vreemdelingen het ontgelden, en associeert hij Palestijnen met terrorisme. Voor buitenlandminister Pompeo is “de Heer aan het werk” als Trump “het Joodse volk redt”. Israël staat op winst, maar niet voor eeuwig.

In een historische zitting op 5 februari sprak de door Republikeinen gedomineerde Senaat de Amerikaanse president Donald Trump vrij van beschuldigingen in verband met zijn bemoeienis met Oekraïne. Eerder, op 18 december 2019, had het Huis van Afgevaardigden, waar Democraten de meerderheid hebben, zijn afzetting wel goedgekeurd. Vorig jaar had de president ook het Mueller-onderzoek overleefd naar Russische bemoeienis met de Amerikaanse verkiezingen, in een één-tweetje tussen Trumps campagneteam en de entourage van de Russische president Poetin. De twee overwinningen hebben Trumps positie enorm versterkt, en daarmee zijn herverkiezingskansen.

Op 4 februari, toen het vaststond dat hij in de Senaat zou worden vrijgesproken, hield Trump zijn State of the Union-toespraak in het Congres. Aan de vooravond van zijn mogelijke herverkiezing kreeg zijn gehoor vooral campagnetaal voorgeschoteld. “Onze vijanden zijn verjaagd, onze welvaart neemt toe, we gaan een veelbelovende toekomst tegemoet”, aldus Trump. Maar gegeven de zichtbare verdeeldheid in het Congres kan men eerder spreken van een State of the Disunion. En qua buitenlandse politiek was het meer van hetzelfde: machtsuitoefening, inzet van het leger, en imperialisme. In de visie van Trump maakt overheersing met de dreiging van geweld Amerika great again.

Trumps kiezerspubliek gaat voor

De president mikte vooral op zijn kiezerspubliek: blanke christelijke republikeinen. Na zichzelf in de bloemetjes te hebben gezet over werkgelegenheid, aandelenmarkt, onderwijs en handelsakkoorden, voerde hij een toneelstukje op om zijn gehoor wijs te maken dat zijn regering niets had tegen mensen van een ander ras. Zo voerde hij een ‘gekleurd’ meisje op die een studiebeurs had gekregen, en een dito veteraan uit het leger die het dankzij zijn Tax Cuts and Jobs Act van drugsverslaafde tot succesvolle zakenman had gebracht. En Raul Ortiz van de grenspolitie werd voor het voetlicht gehaald voor zijn records in het onderscheppen van drugs en mensensmokkelaars.

De boodschap was duidelijk: in een blank land tel je als kleurling mee als je steun geeft aan de criminalisering van je rasgenoten en aan instellingen die geweld op hen loslaten. Trump mag dan aanvoeren dat zijn regering opkomt voor vrijheid van godsdienst, de werkelijkheid is eerder godsdienstvrijheid voor christenen. Het inreisverbod voor mensen uit moslimlanden dat steeds verder wordt uitgebreid, en andere beleidsmaatregelen die moslims viseren, zijn zaken die voor zich spreken. Dit onderdeel in Trumps speech ging dus over christelijke hegemonie, en moslims die voor hem vooral een bedreiging inhouden voor de nationale veiligheid, en niet vallen onder de vrijheid van godsdienst.

Wel heel cynisch waren zijn opmerkingen over de moord op de Iraanse generaal Qassem Soleimani. Die had volgens Trump als ‘topterrorist’ veel doden op zijn geweten, waaronder sergeant Christopher Hake, wiens familie in het publiek zaten. Veel internationale juristen zien in de standrechtelijke moord op een hoge functionaris van een land waar men niet mee in oorlog is als een grove inbreuk op het internationaal recht. En Trumps boodschap aan de Iraanse bevolking was zonder meer tenenkrommend. Mensen die zuchten onder de verlammende Amerikaanse sancties “kunnen rekenen op een goed herstel daarvan als zij niet te trots of te dwaas zijn om onze hulp te vragen”, aldus de Amerikaanse president.

In een verdedigingsoorlog is bezet gebied verworven

Trump legde een verband tussen de strijd tegen ‘radicaal moslimterrorisme’ en zijn Peace to Prosperity plan in de kwestie-Palestina. De associatie van Palestijnen met terrorisme moet dienen om een Palestijnse afwijzing van zijn plan te kunnen toeschrijven aan hun criminele ingesteldheid. Voor Trump staan alle lichten op groen. Trumps vrijgevigheid aan de Israëlische premier Netanyahu is ongehoord: Jeruzalem Israëls hoofdstad, annexatie van de Syrische Golan en de Palestijnse Jordaanvallei. Van het een komt dan het ander. Een Israëlische topfunctionaris vertrouwde een Haaretz-reporter toe dat je normaal geen eigenaar wordt van bezet gebied, maar blijkbaar wel bij een verdedigingsoorlog.

En zo halen Trump en Netanyahu een kruis over een Palestijnse staat, en elke onderhandeling daarover. Trump heeft elke Amerikaanse financiering stopgezet van de VN-organisatie UNRWA, de belangrijkste werkgever en zorgverlener in de Palestijnse vluchtelingenkampen. Onderzoek door het Internationaal Strafhof naar Israëlische oorlogsmisdaden wordt maximaal tegengewerkt. Voor Trump staat anti-zionisme gelijk aan antisemitisme en wordt dus vervolgd. Voor de Amerikaanse buitenlandminister Pompeo, aanhanger van een zeer conservatieve tak van de evangelische kerk, was Trump mischien voorbestemd om het Joodse volk te redden. “Hier is de Heer aan het werk”, aldus Pompeo.

De Palestijnen hebben weinig te verwachten van de Arabische staten en Europa. Trump-Netanyahu is een destructieve cocktail, blind voor de realiteit. De houdbaarheidsdatum van de Palestijnse Abbas-gerontocratie is vele jaren verstreken. Ooit staan nieuwe Palestijnse leiders op die het tij kunnen keren. Trump en Netanyahu zijn niet bezig met de verovering van het Midden-Oosten, maar creëren wel de omstandigheden voor een volgende oorlog. Israël, dat zich door niets of niemand iets laat gezeggen, is wel de laatste mogendheid die het kwaad dat het aanricht inziet, of beseft dat het aan de basis ligt van vele generaties conflict. Vandaag staat het land op winst, maar niet voor eeuwig.

Hoe wetenschappers kunnen bijdragen aan een oplossing van de kwestie-Palestina

Bethlehem Checkpoint. Men and women from all over the Southern West Bank stand in line for hours each morningon their way to work outside of Bethlehem. Photo: ‘delayed gratification’ (flickr)


Terreuraanslagen en de kwestie-Palestina hangen met elkaar samen. Het plan-Kushner is de laatste nagel in de doodskist van een tweestatenoplossing. De alternatieven zijn apartheid of etnische zuivering. Annexatie van de Westelijke Jordaanoever overschrijdt een Europese rode lijn. Media, politieke wetenschappers en intellectuelen kunnen het verschil maken.

“De afschuwelijke terreuraanslagen in Parijs, Beiroet en de Sinaï bevestigen nog eens dat het Israël-Palestina conflict niet los staat de mondiale terreurdreiging. De stichting van een Palestijnse staat, met respect voor Israëlische veiligheidsbekommernissen, is van groot belang, niet enkel voor Israëliërs en Palestijnen, maar voor de hele regio”. Dat zei Nickolay Mladenov, speciaal coördinator van de secretaris-generaal voor het Midden-Oosten vredesproces, tijdens een briefing van de leden van de VN Veiligheidsraad op 19 november 2015.

Intussen piekt het geweld tegen de Palestijnse bevolking, zorgen nieuwe nederzettingen in Palestijns gebied voor nieuwe feiten op de grond en lijkt het vredesproces dood en begraven. Tegelijk loopt het aantal terreuraanslagen en de dodentol op. Om er maar enkele te noemen: Brussel, Nice en Berlijn in 2016, Londen, Manchester en Barcelona in 2017, Straatsburg in 2018 en Nairobi en Christchurch in 2019. Op een lijst gevaarlijkste brandhaarden in de wereld zette de VRT in samenspraak met de Nederlandse professor Ko Colijn “Israël en Palestina” op een prominente plaats.

De situatie bestempelen als ‘vrij uitzichtloos’ volstaat niet

Tegen die achtergrond valt het op dat UAntwerpen-professor David Criekemans in zijn recente boek wél uitvoerig aandacht besteedt aan het Midden-Oosten en terrorisme, maar de kwestie-Palestina onbesproken laat. Dat kwam ook aan de orde in onze recensie. Bij navraag wijst Criekemans erop dat hij het issue niet mijdt, waarbij hij verwees naar zijn optreden in Terzake rond het Israëlisch scherpschieten op burgers in Gaza. Maar de kwestie-Palestina bestempelen als ‘vrij uitzichtloos’ is nog geen analyse, nog afgezien van de vraag of massale Europese investeringen in Oost-Jeruzalem zinvol zijn. Israël maakt consequent elke Europese investering ten bate van de Palestijnen met de grond gelijk.

Recent publiceerde Bert De Vroey een pakkende historiek van wat we best aanduiden als de kwestie-Palestina (de term ‘Israël-Palestina conflict’ duidt op gelijk­waardige partijen, quod non). Volgens Egbert Talens kent De Vroey de kwestie-Palestina prima, maar haakt hij te weinig in op de politiek-zionistische trucs rond het ontstaan van Israël in 1948. Zo laat hij de listig bekokstoofde twee derde meerderheid voor VN-AV-resolutie 181-II (1947) onvermeld, evenals het feit dat Ben-Gurion al in 1928 een great disaster nodig achtte om in Amerika een beweging op te starten gericht op de verwezenlijking van het politiek-zionistisch project Joodse Staat. En de Oslo-akkoorden leverden geen Palestijnse staat op, maar een Palestijnse ‘entiteit’, en zelfs daarvan mocht Arafat zich geen president noemen.

Kushner slaat de plank mis

De Vroey’s historiek verscheen juist vóór de presentatie van het plan van Trump’s schoonzoon Jared Kushner. Over dat plan kunnen we kort zijn: een economisch plan is het sluitstuk op een politiek plan, niet omgekeerd. Zoals steeds proberen de Amerikanen iets te doen aan de levensomstandigheden van de Palestijnen, maar niet aan de Israëlische bezetting. De Palestijnen stuurden dus hun kat. Die verwachtten niets van een bemiddelaar die 70 jaar Amerikaans beleid overhoop gooit, Jeruzalem als Israëlische hoofdstad erkent, de Palestijnse missie in Washington sluit, zowat elke economische en humanitaire hulp beëindigt en de bezetter aanmoedigt de Westelijke Jordaanoever te annexeren.

Het plan-Kushner gaat niet enkel voorbij aan Palestijnse bekommernissen, maar ook aan wat er leeft onder de Arabische bevolking. De kwestie-Palestina is en blijft een centraal issue voor Arabieren. De Amerikaanse benadering van de regio wordt gezien als onrechtvaardig. Dat fenomeen stuurt mede de ontwikkelingen in het Midden-Oosten: werving door terreurgroepen, regionale instabiliteit, de Arabische publieke opinie over de Verenigde Staten, en zelfs de Amerikaanse nationale veiligheid. Rond het plan-Kushner is intensief gelobbyd richting Arabische leiders. De vraag is of die druk zullen uitoefenen op de Palestijnen.

De alternatieven zijn apartheid of etnische zuivering

Voor Harvard-professor Stephen Walt komt de kwestie-Palestina op de tweede plaats van vijf wereldproblemen, direct na (1) klimaatverandering, en voor (3) “Het einde van de Europese Unie”, (4) “Een nucleaire crisis met Iran, en (5) “Het sluipend verval van Amerika’s Aziatische allianties”. Walt ziet het plan-Kushner als laatste nagel in de doodskist van een tweestatenoplossing, met enkel slechtere alternatieven: (1) apartheid, waarbij Israël de Palestijnen elk politiek recht ontzegt, (2) gedwongen verdrijving, etnische zuivering dus, een misdaad tegen de menselijkheid en (3) “vrijwillig” vertrek van de Palestijnen door hen het leven steeds zuurder te maken, sluipende etnische zuivering dus.

Het optreden van Trump in het Midden-Oosten leidt tot toenemend verlies aan steun voor de VS onder de Arabische bevolking. Europa moet de VS duidelijk maken dat een vredesproces tot doel heeft geschillen te beslechten, niet onder de mat te vegen. De EU moet in de kwestie-Palestina zijn verantwoordelijkheid nemen. Europese landen stonden mee aan de wieg van de staat Israël. De EU moet Israël duidelijk maken dat annexatie van de Westelijke Jordaanoever een Europese rode lijn overschrijdt. Als Israël’s directe buur en belangrijkste handelspartner heeft de EU voldoende machtsmiddelen. Vijf minuten politieke moed volstaat.

Media, politieke wetenschappers en intellectuelen maken het verschil

Een groep Europese toppolitici hebben er bij de EU al op aangedrongen om elk plan dat afbreuk doet aan de rechten van de Palestijnen te verwerpen. De media zouden vaker en indringender aandacht kunnen besteden aan de kwestie-Palestina. Politieke wetenschappers die regelmatig in de media verschijnen moeten net als hun Amerikaanse collega’s John Mearsheimer en Stephen Walt, auteurs van het boek ‘The Israel Lobby and U.S. Foreign Policy’ (2007), de moed hebben om de Israëllobby te weerstaan. Kritiek op het doen en laten van de staat Israël is geen antisemitisme. En men moet nog geen ‘activist’ zijn om als academicus duidelijke taal te spreken.

In 2015 sloot een aantal Belgische academici zich aan bij de Palestinian Academic and Cultural Boycott of Israel, onderdeel van de Boycott, Divestment, Sanctions (BDS) campagne tegen de manier waarop Israël met de Palestijnen omgaat. Zo ontstond de Belgian Academic and Cultural Boycott of Israel (BACBI). De academische boycot richt zich op Israëls universitaire instellingen wegens hun steun aan het apartheidsregime. De doelstellingen van BACBI zijn duidelijk. Internationale druk moet aan Israëls straffeloosheid een einde maken.

Intussen hebben 489 Belgische intellectuelen en academici de Beginselverklaring van de Belgian Academic and Cultural Boycott of Israel (BACBI) onderschreven. Voor zover valt na te gaan heeft slechts één Belgische politieke wetenschapper, de Gentse hoogleraar Hendrik Vos, de verklaring ondertekend. Er zouden er honderden moeten volgen. Alleen de faculteit politieke wetenschappen van de universiteit van Antwerpen kent al 105 docenten, assistenten, onderzoekers en academische medewerkers. En de organisatie zou nóg meer aan de weg moeten timmeren.

Wie volgt het goede voorbeeld van Hendrik Vos?